2013 – Toen was die troep nog heel gewoon

Vrij naar 1948 van Van Kooten en De Bie

2013

Buiten liggen blikjes op straat

Van energiedrank, cola en bier

En er liggen ook veel plastic flessen

Ja, dat is zo altijd hier

We vinden het wel stom

Maar niemand ruimt wat op

En we mopperen wel en we klagen ook

En we wijzen naar de gemeente

We waren het wel zat, niet meer dan dat

Het hield niet op, en vader zei: ‘Dat hoort niet zo’

En daar bleef het dan wel bij

Niemand had een afvaltang

En niemand had opruimdrang

Toen was die troep

Heel gewoon

2014

Buiten loopt een man op de straat

Een jaar of veertig en hij wordt wat kaal

Hij raapt afval op, ja dat doet hij echt

Is die vent wel lekker helemaal?

Laatst gingen wij naar ’t bos

Daar hebben wij het ook gedaan

We hebben afval geraapt, goed schoongemaakt

De schaamte was snel vergeten

Er was zelfs een journalist

Van de krant

We kwamen op de voorkant

De TV had ons snel gevonden

Wat waren we opgewonden

Veel mensen vonden het raar

Dat accepteerden we dan maar

Toen was opruimen

Nog ongewoon

Al dat afval was een simpel teken

Dat we niet goed om ons keken

Niet totdat

Iemand met plichtsbesef

Er wat aan deed

Er wat aan deed

2026

Buiten ligt nog weinig blik

En heel weinig flesjes nog op straat

Er kwam statiegeld, slechts 15 cent

Ze eindigen nu in een automaat

Het verschil is heel erg groot

Steeds minder in de sloot

Na een lange strijd, werd in de tijd

Het land steeds weer wat schoner

En in de grote stad, dat is me wat, dat is niet top

Maar vader zei: ‘Echt, geloof mij

Daar was het altijd al een zootje!’

Een opruimdag in het hele land

Komt niet eens meer in de krant

Want opruimen is nu

Heel gewoon

En dat is eigenlijk

Heel ongewoon